LET OP! AAN DEZE SITE WORDT MOMENTEEL GEWERKT!

Bij het zien van Janine, de film

Janine Jansen in actie is fantastisch om naar te kijken en naar te luisteren. Wat een geweldig violiste, wat een ongelooflijk natuurlijke muzikaliteit, absolute wereldtop! Over muziek praten gaat haar echter minder makkelijk af. Tijdens interviews komt er meestal weinig uit en dat ligt echt niet alleen aan de hijgerige kerels van middelbare leeftijd die haar op televisie ondervragen. Het heeft ook te maken met Janine zelf. Want zo subliem en geloofwaardig als ze zich kan uitdrukken in de muziek, zo vlak, ja soms zelfs een beetje geforceerd, komt ze over in interviews.

In de documentaire ‘Janine’ komt dat ook naar voren in een scene waarin ze geïnterviewd wordt voor ‘haar eigen glossy’. De ingehuurde journalist (perfect getypecast: een zweterig, schriel mannetje van in de vijftig, brilletje half scheef op de neus en met één lange, gelige voortand) verzucht na afloop dat musici vaak ‘hele saaie mensen zijn’. Dezelfde man zorgt iets later in de film voor een tenenkrommende situatie wanneer hij Janine’s ‘vriend’ Roger Moore moet interviewen. In stuntelig engels probeert hij getapt te doen door pikante passages uit Mr. Bond’s autobiografie naar voren te halen. Janine staat er bij en kijkt er naar. Ze schaamt zich duidelijk kapot en wij als kijkers ook. Sir Roger blijft zoals altijd every inch a gentleman.

De totstandkoming van die eenmalige glossy vormt een rode draad in de film en wordt gebruikt om het spanningsveld tussen artistieke inhoud en platte commercie te illustreren. We zien prachtige scenes waarin een net iets té bruine uitgever samen met Paul Popma, de marketingmanager van Universal, een brainstorm houdt over de ‘content’ van het tijdschrift. Mode, lifestyle, gadgets en sex, liever niets over de muziek. Ook hier weer: Janine zit er gedwee bij, het is voor haar een verplicht nummer. Het tijdschrift draagt weliswaar háár naam en háár foto staat op de cover – maar wat heeft het met de echte Janine te maken?

Wie die echte Janine is kan ze zelf niet zo goed onder woorden brengen, maar gelukkig doen haar vrienden dat in de film. Heel treffend hoe Julian Rachlin en Maxim Rysanov haar beschrijven. Janine moet je horen spelen. Zíen spelen. Dan toont ze wie ze is. Zelfs wanneer het niet gaat hoe ze het wil, zoals in de scene waarin ze worstelt met Bach’s Chaconne. Iedereen om haar heen vindt dat ze het fantastisch doet, zelf rust ze niet totdat alle details en fraseringen die ze in haar hoofd heeft op band staan. Die soevereine greep heeft ze niet over haar dagelijkse leven. Althans niet wanneer het om alle sociale en commerciële verplichtingen gaat die nu eenmaal bij haar status als stervioliste horen.

Een prachtige, maar ook droevige film.

Naschrift: Nu zou ik er denk ik niet meer mee aankomen, maar het idee van een glossy van Janine heb ik NB zelf ruim twee jaar geleden voorgesteld toen ik marketeer was van het IKFU. Om mijn plan te illustreren maakte ik een hele serie covers (zie plaatje) en werkte ik samen met Budelinc een concept uit compleet met begroting etc. Misschien niet zo uniek, zo’n glossy, maar in de vrij conservatieve muziekwereld toch zeker iets verfrissends. Té verfrissend zo bleek, want uiteindelijk kwam het er na lang vijven en zessen niet van. Wie destijds wel enthousiast was over dit idee was Paul Popma. In de documentaire zien we hem bij de lancering hoog opgeven dat die glossy zo’n goed plan van de uitgever was, waarop de uitgever roept ‘het was jouw idee Paul, het was jouw idee!’ Paul staat er een beetje bij te lachen. Tsja. Wij hadden het trouwens wel iets anders gedaan, en vorm en inhoud dichter bij Janine en de muziek gehouden…

fake covers die ik maakte in 2008, een jaar voor uitgever BCM het blad Janine op de markt bracht

hierboven: covers die ik maakte in 2008, een jaar voordat een blad met de titel Janine door uitgeverij BCM werd uitgegeven, hieronder: de cover die BCM maakte in 2009...

...hier de cover van het blad zoals het in 2009 werd uitgegeven

Reacties zijn gesloten.